Institute for Biodiversity and Ecosystem Dynamics

Studieprogramma

Opzet van de opleiding

Een studiejaar bestaat uit twee semesters. Bij Future Planet Studies staat elk semester een ander thema centraal. Dat zijn in de eerste twee jaar van de bachelor achtereenvolgens: Klimaat en Energie; Kwaliteit van Leven; Food en Water. Alle vakken van het semester staan op de een of andere manier in verband met het betreffende thema.

Halverwege je eerste jaar kies je je major: je hoofdrichting. Deze ga je vanaf jaar 2 volgen, naast het dan nog halftijdse vaste programma van Future Planet Studies. In de afbeelding hieronder is de opbouw van het onderwijsprogramma schematisch weergegeven. Ook de belangrijkste leerlijnen van het programma kun je hierin vinden.

Afbeelding opzet studie FPS 2.0

Het eerste jaar

Semester 1

In het eerste semester leer je in het vak 'Toekomstige Uitdagingen, Innovatieve Oplossingen' nadenken over de complexe vraagstukken op het snijvlak van Aarde en mens. De Aarde is een zelfregulerend systeem waar ecologische, menselijke en economische factoren allemaal hun kracht op uitoefenen. Hoe creëren we nu een duurzaam evenwicht in dit precaire systeem?

Klimaat en energie

In eerste instantie richten we de aandacht vooral op klimaat en energie. De explosieve groei van de wereldbevolking legt een grote druk op de planeet. De menselijke consumptie neemt zodanige vormen aan dat de voorraad fossiele brandstoffen uitgeput dreigt te raken en de CO2-uitstoot tot onnatuurlijke klimaatveranderingen leidt. Hoe leiden we dit allemaal in goede banen, zodat er ook in de toekomst nog op een prettige manier te leven valt?

Vakken uitgelicht

Hieronder een paar voorbeelden van vakken zoals ze op dit moment in Future Planet Studies gegeven worden. Maar let op: om actueel te blijven in onze dynamische wereld, is ook Future Planet Studies continu in beweging. Dit betekent dat we onze vakken regelmatig aanpassen. 

  • Bij het vak 'Toekomstperspectief voor de Aarde' draait het om de relatie tussen de mens en de Aarde. Hoe zorgt een combinatie van ecologische, aardwetenschappelijke en scheikundige processen dat het systeem Aarde functioneert, en hoe kunnen we als mens daar op een duurzame manier mee omgaan?
  • Bij 'Energietransities' bestudeer je aan de hand van een concrete casus het energievraagstuk vanuit zowel natuurwetenschappelijke als maatschappijwetenschappelijke invalshoeken. Bijvoorbeeld: is het technisch en economisch mogelijk heel Nederland van windenergie te voorzien? Wat is daar dan de ecologische impact van? En hoe zit het met de politieke besluitvorming rondom het (al dan niet) plaatsen van windmolens?

Semester 2

In het tweede semester staat het thema 'Kwaliteit van leven' centraal. Je behandelt daarbij vragen als: wat is eigenlijk kwaliteit van leven, en wie bepaalt dat? Kan het creëren van een kwalitatief hoogwaardige menselijke samenleving samengaan met het beschermen van natuurlijke kwaliteit of bestaat er altijd een spanningsveld tussen natuur en maatschappij? In de colleges en werkgroepen komen sociale, economische, ecologische en duurzaamheidsaspecten aan de orde. Je houdt interviews en analyseert de verschillende meningen van belanghebbenden zoals de overheid, het bedrijfsleven en belangenorganisaties. Uiteindelijk maak je samen met je medestudenten een ontwerp voor een kwalitatief hoogwaardige leefomgeving waarin zoveel mogelijk aspecten op realistische wijze worden gecombineerd.

Ook zijn er methodische vakken in semester 2. Bij 'Verzamelen, Visualiseren en Analyseren' leer je met statistiek om te gaan. En bij 'Virtual Globe' leer je met behulp van Google Earth inzicht te krijgen in patronen en veranderingsprocessen aan het aardoppervlak. Aan het eind van het jaar word je bij 'Duurzame Dynamiek' uitgedaagd om datgene wat je in jaar 1 geleerd hebt te verwerken in duurzame beleidsscenario’s voor de toekomst.

Het tweede jaar

Je vervolgt in het tweede studiejaar je Future Planet Studies met de thema’s Food en Water. Je start dan ook met het onderwijs van je gekozen major. De major is het specialisatiedeel dat je in het tweede en derde jaar van je studie volgt naast het vaste programma van Future Planet Studies. Dit onderwijs is zoveel mogelijk afgestemd op de thema’s die centraal staan in jaar 2.  

De major die je kiest, is ook bepalend voor de master die je na de bachelor kunt volgen.

Semster 1: Food 

Zijn we in staat om genoeg voedsel voor alle mensen op de wereld te produceren, ook als de wereldbevolking blijft groeien? Hebben we daarvoor voldoende natuurlijke hulpbronnen of dreigt er een voedseltekort te ontstaan? Welke methodes zijn er om de productie te verhogen? Wat zijn voor- en nadelen van genetisch gemodificeerd voedsel? Of ligt de oplossing voor het voedselvraagstuk misschien meer bij een betere verdeling van het beschikbare voedsel, of in verandering van onze consumptiepatronen? En wat zijn de maatschappelijke en ecologische gevolgen van onze voedselproductie en -consumptie nu en in de toekomst?

Bij met zonnebloem Future Planet Studies

Semester 2: Water

'Water' is een thema dat bij uitstek past binnen het Nederlands onderwijs. Tegelijkertijd zijn de beschikbaarheid en het verbruik van water mondiale vraagstukken die hoog op de internationale agenda staan. De vraag is of we in staat zijn om op verantwoorde wijze om te gaan met water. Wat is de ecologische en economische waarde van water? Hoe staan veilig landgebruik en water met elkaar in verbinding?

Waterkraan Future Planet Studies

Majoren

De major bestaat uit een samenhangend pakket van vakken op voornamelijk tweede- en derdejaars niveau dat Future Planet Studies in samenwerking met andere bacheloropleidingen van de Universiteit van Amsterdam verzorgt. Je kiest bij Future Planet Studies uit twee majoren:

  1. Een natuurwetenschappelijke (bèta) major waarin je kennis vanuit aardwetenschappen, biologie en chemie combineert om de grote vraagstukken aan te pakken waar Future Planet Studies zich op richt;
  2. Of een maatschappijwetenschappelijke (gamma) major, waarin je diezelfde vraagstukken vanuit een combinatie van sociale geografie, planologie en politicologie leert tackelen.

Het derde jaar

Het derde jaar is een specialisatiejaar waarin je vakken volgt van je major en je je voorbereidt op de master. Eén van de laatste vakken is het interdisciplinaire onderzoeksproject. In een team ga je aan de slag met een zelfgekozen, interdisciplinair thema. Ieder van jullie levert vanuit de eigen specialisatie een bijdrage aan het onderzoeksproject dat je gezamenlijk uitvoert en samen zorgen jullie ervoor dat het een geïntegreerd geheeld wordt.

Bachelorthesis

Binnen je major voer je als sluitstuk zelfstandig onderzoek uit. Dit onderzoek kan de vorm aannemen van een stage. Je doet hiervan verslag en geeft je bevindingen weer in een eindwerkstuk: je bachelorthesis. Als je alle onderdelen van de bachelor met succes hebt afgerond, ontvang je het bachelordiploma.

Onderwijsvormen

Het onderwijsprogramma van Future Planet Studies is intensief. Docenten geven interactief college, stimuleren je tot zelfstudie, dagen je uit in werkgroepen en practica en verwachten dat je een actieve studiehouding laat zien.

  • Bij hoorcolleges luister je samen met de andere studenten in een auditoriumzaal naar de hoofddocent en maak je aantekeningen over de behandelde stof. De colleges zijn bij voorkeur interactief; je wordt uitgenodigd je vragen in te brengen of uitgedaagd dieper over bepaalde materie na te denken.
  • Tijdens werkgroepen praat je met je medestudenten over gemaakte opdrachten, en wissel je onderling en met de begeleidende docenten je vragen en antwoorden uit. In de werkgroepen zit je doorgaans met niet meer dan twintig studenten.
  • In een practicum pas je de verworven theorie toe op praktijkvoorbeelden en leer je bijvoorbeeld modelsimulaties maken op de computer of oefen je je academische vaardigheden. Soms ga je op excursie om ervaring op te doen in de concrete praktijk. Afhankelijk van je majorkeuze ga je wellicht ook regelmatig op veldwerk of in het laboratorium aan het werk.
  • Tijdens zelfstudie bereid je je voor op de klassikale bijeenkomsten, werkgroepen of practica. Je kunt hierbij gebruik maken van ondersteunende online onderwijsmiddelen zoals kennisclips, webcolleges, deficiëntiemodules, online quizzen en zelftoetsen. Deze staan ter beschikking via de digitale leeromgeving waar je te allen tijde toegang toe hebt.

Contacturen en toetsing

Gemiddeld heb je 20 contacturen per week. De overige 20 uur ben je bezig je voor te bereiden op de bijeenkomsten en de toetsmomenten, bijvoorbeeld door kennisclips en webcolleges (terug) te kijken of schrijfopdrachten en presentaties te maken. Alle vakken worden afgesloten met één of meerdere toetsen, bijvoorbeeld in de vorm van tussenopdrachten en een eindverslag, een presentatie, een essay of een traditioneel tentamen.

Published by  Institute for Interdisciplinary Studies

25 September 2017